Welke 5 beschermingsmaatregelen moeten we strikt opvolgen?

1 Was je handen regelmatig

Was je handen regelmatig en grondig (40 à 60 sec.) met water en zeep. Hoe je best je handen wast, zie je in deze afbeelding.

Handen wassen met zeep of alcoholgel?

Geef voorrang aan water en zeep. Zowel handen wassen met zeep als je handen reinigen met alcoholgel zijn in de meeste gevallen effectieve methoden voor handhygiëne. Het gebruik van alcoholgel is minder effectief wanneer je handen nat of vuil zijn. Het is niet nodig om zowel je handen te wassen met water en zeep als je handen te desinfecteren met alcoholgel. 1 van de 2 volstaat.

Wanneer was je je handen?

  • Voor je naar school vertrekt.
  • Bij aankomst op de school.
  • Bij het binnenkomen van de klas (na de speeltijd).
  • Na toiletbezoek.
  • Voor en na de maaltijd.
  • Voor het verlaten van de school.
  • Na hoesten, snuiten, niezen.
  • Na het bedienen van machines tijdens de praktijklessen.
  • Wanneer je handen zichtbaar vuil zijn.

Raak je gezicht zo weinig mogelijk aan met je handen. Vermijd om handen of kussen te geven. Begroet elkaar met een zwaai of met de elleboog.

2 Houd afstand en respecteer de bubbels

De richtlijnen voor social distancing zijn verschillend per onderwijsniveau, maar volwassenen moeten altijd afstand bewaren van elkaar (minstens 1,5 meter). Zoveel mogelijk afstand houden bij alle contacten. Personeel en leerlingen dragen verplicht een mondmasker, ook in de klas en als ze afstand kunnen houden.

Personeelsleden houden altijd afstand van ouders. Zorg voor een afzonderlijke ruimte waar ouders in uitzonderlijke omstandigheden kunnen ontvangen worden. Voorzie alcoholgel.

3 Draag een mondmasker

Personeel en leerlingen moeten verplicht een mondmasker dragen, ook als ze afstand kunnen houden.

In buso OV1 en OV2 dragen leerlingen een mondmasker als het haalbaar is (cfr. risicoanalyse).

Leraren moeten ook een mondmasker dragen tijdens het lesgeven vooraan in de klas.

Ouders dragen een mondmasker bij het brengen en halen van hun kinderen en wanneer ze de school betreden.

Moet je hoesten, niezen of je neus snuiten?

Je mag hoesten in je mondmasker. Als je moet niezen:

  • Doe bij voorkeur eerst het mondmasker af.
  • Nies in een papieren zakdoek en gooi die daarna weg in een gesloten vuilbak. Heb je geen zakdoekje bij? Hoest of nies dan in de binnenkant van je elleboog en niet in je handen.
  • Zet je mondmasker weer op nadat je je handen waste.

Was je mondmasker als het nat of vuil is. Doe dit op minstens 60 graden.

Meer informatie

4 Verlucht en ventileer voldoende de lokalen

Zorgen voor verse lucht is een efficiënte manier om het besmettingsrisico op een infectieziekte te verkleinen. De luchtstromen voorkomen dat microdruppels zich verspreiden en in de lucht blijven hangen.

Verse lucht is, ook zonder besmettingsrisico, nodig om de binnenlucht gezond te houden en zo het lescomfort voor leerlingen en personeel optimaal te houden.

5 Beperk je sociale contacten

  • Beperk je sociale contacten. Lees de laatste richtlijnen van het Nationaal Crisiscentrum. Ga ook na wat de eventuele lokale maatregelen in je gemeente zijn.
  • Hou bij met wie je contact had. De gegevens kunnen eventueel gebruikt worden bij een contactonderzoek.
  • Vermijd nauw contact met zieke personen.
  • Deel geen persoonlijke voorwerpen, eten, drinkglazen, handdoeken …

Let bij contact extra op bij mensen die gevoelig zijn voor het virus:

  • Mensen ouder dan 65 jaar.
  • Mensen met diabetes (type 2), in combinatie met obesitas en/of problemen met hart, longen of nieren.
  • Mensen met problemen met hart, longen of nieren.
  • Mensen die gevoelig zijn voor infecties.

Article Attachments

Heeft dit artikel u verder geholpen?